Meer kennis, minder ‘wat hoort je te doen?’
Een belangrijke verandering is dat het examen minder draait om gedragsregels en meer om kennis en begrip van de Nederlandse samenleving.
In het oude examen kon bijvoorbeeld een vraag gaan over wat je in een bepaalde sociale situatie hoort te doen. In het vernieuwde examen ligt de nadruk meer op het begrijpen van hoe Nederland werkt.
Je moet dus niet alleen weten hoe mensen zich gedragen, maar vooral begrijpen hoe de Nederlandse maatschappij, voorzieningen, rechten en wetten in elkaar zitten.
De nieuwe eindtermen zijn opgebouwd rond verschillende praktijksituaties, zoals werk, wonen, contact met instanties en burgerschap. (NT2.nl)
1. De Holocaust en antisemitisme
Een belangrijk nieuw onderwerp is de Holocaust.
Voor het KNM-examen moet je weten wat de Holocaust was en dat tijdens de Tweede Wereldoorlog veel Joodse mensen in Nederland en Europa zijn vermoord.
Ook antisemitisme krijgt nadrukkelijk aandacht. Je moet bijvoorbeeld begrijpen wat antisemitisme betekent en weten dat discriminatie en antisemitisme in Nederland niet zijn toegestaan.
Dit onderwerp is toegevoegd omdat kennis van de Nederlandse geschiedenis en de gevolgen van discriminatie belangrijk wordt gevonden voor het begrijpen van de Nederlandse samenleving. (Rijksoverheid)
2. Vrijheid en zelfbeschikking
Een ander belangrijk nieuw accent is zelfbeschikking.
In Nederland hebben mensen het recht om hun eigen leven en belangrijke persoonlijke keuzes zelf vorm te geven. Dit geldt natuurlijk voor mannen én vrouwen, maar in de nieuwe eindtermen wordt specifiek aandacht besteed aan de zelfbeschikking van vrouwen.
Een vrouw mag in Nederland bijvoorbeeld zelf beslissen:
met wie zij trouwt;
of zij wil werken;
waar zij wil wonen;
hoe zij haar leven wil inrichten;
of zij kinderen wil;
en welke keuzes zij maakt over haar eigen lichaam.
Ook onderwerpen zoals abortus en euthanasie passen binnen het bredere thema van persoonlijke vrijheid, rechten en zelfbeschikking. Voor het examen is het vooral belangrijk dat je begrijpt dat Nederland bepaalde persoonlijke keuzes wettelijk beschermt en dat niet iemand anders namens jou over jouw leven mag beslissen.
3. DigiD en digitale overheid
Nederland is een digitaal land. Daarom is digitale dienstverlening nu duidelijker onderdeel van de KNM-eindtermen.
Een belangrijk voorbeeld is DigiD.
Je moet weten wat DigiD is en waarvoor je het gebruikt. Met DigiD kun je bijvoorbeeld veilig inloggen bij websites van de overheid en andere organisaties.
Denk aan:
MijnOverheid;
de Belastingdienst;
DUO;
je gemeente;
en andere overheidsdiensten.
Ook privacy en veilig omgaan met persoonlijke gegevens krijgen meer aandacht. (NT2.nl)
Dit is niet alleen belangrijk voor het examen. Als je in Nederland woont, krijg je DigiD waarschijnlijk regelmatig nodig.
4. De praktijkondersteuner bij de huisarts
Ook binnen de gezondheidszorg zijn er nieuwe onderwerpen toegevoegd.
Een voorbeeld hiervan is de praktijkondersteuner van de huisarts, vaak afgekort tot POH.
De praktijkondersteuner werkt in de huisartsenpraktijk en helpt patiënten bijvoorbeeld bij bepaalde chronische aandoeningen of bij begeleiding rondom hun gezondheid.
Voor het KNM-examen is het belangrijk dat je weet welke rol verschillende zorgverleners hebben en waar je terechtkunt met een gezondheidsprobleem.
Het Nederlandse zorgsysteem bestaat namelijk uit verschillende onderdelen. Je gaat bijvoorbeeld niet voor iedere klacht direct naar het ziekenhuis. Vaak is de huisarts het eerste aanspreekpunt. (NT2.nl)
5. Meer aandacht voor rechten en de Nederlandse rechtsstaat
De vernieuwde eindtermen besteden ook meer aandacht aan rechten, gelijkheid en de Nederlandse rechtsstaat.
Een belangrijk uitgangspunt is dat de Nederlandse wet voor iedereen geldt.
Daarbij komen onderwerpen aan bod zoals:
gelijke rechten;
vrijheid;
discriminatie;
de rechten van vrouwen;
persoonlijke vrijheid;
en de manier waarop de Nederlandse rechtsstaat werkt.
Ook wordt duidelijker benadrukt dat wettelijke regels in Nederland leidend zijn, ook wanneer bepaalde culturele of religieuze opvattingen daar anders over zijn. (NT2.nl)
Wat betekent dit voor jouw voorbereiding?
Het nieuwe KNM-examen vraagt om een andere manier van leren.
Tip van de docent: Alleen oude oefenvragen maken is niet voldoende als je examen volgens de nieuwe eindtermen maakt. Onze oefenexamens sluiten perfect aan bij kandidaten die na 1 juli 2025 examen doen.
Zorg ervoor dat je oefenmateriaal gebruikt dat daadwerkelijk is aangepast aan het KNM-examen 2025.
Besteed daarbij extra aandacht aan:
📚 Geschiedenis
de Holocaust;
de Tweede Wereldoorlog;
antisemitisme;
discriminatie.
⚖️ Rechten en vrijheid
gelijke rechten;
zelfbeschikking;
vrijheid van vrouwen;
persoonlijke keuzes;
abortus en euthanasie.
💻 Digitale samenleving
DigiD;
digitale overheid;
veilig omgaan met persoonlijke gegevens.
🏥 Gezondheidszorg
huisarts;
praktijkondersteuner;
verschillende zorgverleners;
hoe de Nederlandse gezondheidszorg werkt.
🇳🇱 Nederlandse samenleving
waarden en normen;
de rechtsstaat;
werk en inkomen;
wonen;
onderwijs;
instanties;
burgerschap.
Is het nieuwe KNM-examen moeilijker?
Niet per se. Het examen is vooral anders geworden.
De overheid heeft de eindtermen vernieuwd omdat de Nederlandse samenleving verandert. De vorige grote herziening dateerde uit 2015. De nieuwe versie moet beter aansluiten bij de kennis die nieuwkomers nodig hebben om zelfstandig in Nederland te kunnen leven en mee te doen in de samenleving. (Rijksoverheid)
Voor veel kandidaten kan het nieuwe examen zelfs praktischer zijn. Je leert bijvoorbeeld niet alleen welke Nederlandse gewoontes bestaan, maar ook hoe je een afspraak bij een instantie regelt, waarvoor DigiD wordt gebruikt en welke zorgverleners er zijn.
Bronnen voor de inhoud: de Rijksoverheid over de vernieuwing van het KNM-examen en DUO: vanaf 1 juli 2025 een ander KNM-examen.